De beste kant van slotenmaker Sint-Gillis

Op de verdere wandeling aan een Antieke Langendijk treft ons oog ons ledig staande brouwerij, welke weleer werden gedreven via toen zaligen Joost Gerritsz over Ylen; een betreffende een heleboel, welke sedert 1600 werden verlaten ofwel uitgebroken, waarover Bleyswijck schrijft.

Zij bevatte zes korte huizen, waarvan daar een door ons ‘bouckverkooper' werden bewoond. Er waren in welke nabijheid uiteraard verdere boekwinkels dicht voor elkaar. [Aangezien verder op een Hippolytusbuurt en een Cameretten was er ons.]

Bij het 2e woonhuis luidde een opgave: “Gillis aangaande Soutelande, deur aengeven aangaande Aryaentgen, appelcoopster, sittende wegens een deur van Soutelande, 3 haardsteden”

In de Pepersteeg woonden 2 kleerma­kers, ons schoenmaker en een hoedenmaker in ons eigen woonhuis. De laatste gaf, uitgezonderd 3 stookplaatsen, ons fornuis met. Daarnaast waren daar twee bakkers, welke elk betreffende een paar ovens en ons fornuis werkten.

Sasbout’, welke vóór een inlevering met dit kohier een woonhuis aangaande een secretaris betrok. Via een verbouwing, welke er ter plaatse kan zijn geschied, verdween het woonhuis, het eens een bakermat bevatte van hem op iemand die betreffende toepassing is: "Op deze plaats rees de Groote zon en ging te Rostock bij"

, maakte het Soutendam hierboven een tel kwijt raakte in die registers. Na 1600 bestaan op deze plaats op de achtererven met de opgeheven brouwerijen vele andere huizen verrezen.

Een westzijde aangaande het Vrouwjuttenland was met lieden aangaande alle mogelijke evenement bevolkt, waaronder een Lambrecht Cornelissen. Hij oefende het moeilijke vak uit van ‘antycksnijder’, het zich grotendeels openbaarde in het snijden aangaande beelden en figuren in hout, op zijn ‘antijcks’, dat wil zeggen lees meer naar het montuur ofwel voorbeeld der Ouden, wier werk en kunst men poogde na te streven.

Eén brouwerij had haar voorgevel juiste Antieke Delft, en wel ‘Int Dobbel Cruys’, in eigendom en bewoond door Simon Arense Groenewegen. In dit woonhuis waren 8 haardsteden, terwijl de brouwerij betreffende 3 eesten en 2 ketels werkte. Deze behoorde tot een aanzienlijke familie, die zich, direct ettelijke overige, in 1569 en eerstvolgende jaren uit Delft verwijderde, om óf later weer retour te keren óf, getrouw aan de voorvaderlijke religie en heulend met een Spanjaard, zichzelf elders te vestigen.

Je bedoel een gevel van een voormalige brouwerij ‘De Hantbooch’, ons fantastisch en zeldzaam specimen aangaande burgerlijke bouwstijl uit een allereerste helft van een 16e eeuw, thans (in 1882)

De weduwe woonde in ons deel aangaande het oude ‘Patershuys’. In hetzelfde gedeelte van dit gewezen klooster had zich ook de ‘Franchoyse predicant’ Pierre Moreau ‘om nyet’ gevestigd. Dit jaarlijkse traktement aangaande deze voorganger werd in 1600 betreffende 150 gulden verhoogd.

Op een plaats betreffende het Boterhuis stonden in 1600 drie woningen. Het zesde woonhuis, bewoond via Annetgen Vincenten (de dochter met Vincent), heette toentertijd reeds ‘Inde pellicaen’. Een gekroonde pelikaan prijkt nog boven een deur van een woning van een heer Over de Goorberg, (in 1882)

Bovenstaand deel betreffende een Oude Delft behoorde tot het 15e kwartier ofwel ‘block’ over de plaats, het binnen zijn grenzen een beduidend deel der toenmalige Delftse aristocratie ofwel patri­cische families bevat hield. Aangaande een toen bloeiende geslachten bestaat daar thans zowat nauwelijks enig meer.

Mogelijkerwijs dat een bewoners uitmuntten in het bezigen van scheldwoorden, een eigenschap welke in heel wat steden van het vaderland met de bewoners betreffende sommige buurten ofwel stegen werden toegeschreven. Meteen bestaan die onderscheiding op deze plaats en er nog slechts bij uitzondering. Ofwel op deze plaats met ons verbastering, zoals bij die aangaande ‘Donkersteeg’ in ‘Dronkensteeg’ gedacht moet geraken, durf je niet te beweren. Bleyswijck, welke heel wat op dergelijke ‘wangebruik’ doet te wijzen, zwijgt er op deze plaats in ieder geval aan.  

Na deze uitweiding aan dit Bagijnhof moeten we de Bagijntjes maar kalmpjes op haar kamertjes laten en een verdere bewoners over dat 54 huizen tellende stadsgedeelte, waaronder een ‘appotecaris’, 3 ‘jonckheeren’, en vier ‘joffrouwen’ betreffende aanzienlijke huize behoorden.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

Comments on “De beste kant van slotenmaker Sint-Gillis”

Leave a Reply

Gravatar